Ontwikkelingen btw-vrijstelling brancheorganisaties
13-02-2020 Partner

Mazars: ontwikkelingen btw-vrijstelling brancheorganisaties

Het Ministerie van Financiën zou – naar wij hebben vernomen – van mening zijn dat brancheorganisaties geen ondernemer voor de btw zijn, althans wat betreft hun hoofdactiviteiten. Dat zou ingrijpende gevolgen hebben voor de brancheorganisatie die zich nu wél ondernemer waant.

Een brancheorganisatie die als btw-ondernemer optreedt zal in beginsel vrijgesteld van btw optreden. Hij brengt geen btw in rekening aan zijn leden, en kan geen btw in aftrek brengen. Daarnaast kan hij voor bijkomende diensten en leveringen een nadere vrijstelling toepassen, zolang deze tezamen beperkt in omvang zijn (fondsenwervingsvrijstelling: € 22.689 per jaar voor diensten; € 68.067 per jaar voor leveringen).

Bij besluit is goedgekeurd dat de vrijstelling onder voorwaarden buiten toepassing kan worden gehouden. Dat is aantrekkelijk wanneer de leden recht op aftrek van btw hebben. De btw die over de contributie in rekening wordt gebracht is toch aftrekbaar bij de leden, zodat per saldo het voordeel resteert doordat de brancheorganisatie btw op de kosten in aftrek kan brengen.

Als een brancheorganisatie niet als ondernemer voor de btw kwalificeert, dan is van btw-afdracht over contributies of btw-aftrek op kosten in beginsel geen sprake. Op grond van een nadere goedkeuring kan alsnog btw in aftrek worden gebracht, voor zover de leden recht op aftrek hebben. Eventuele nevenactiviteiten zijn alleen btw-vrijgesteld wanneer geopteerd is voor de kleine ondernemersregeling en die nevenomzet minder bedraagt dan € 20.000 per jaar.

Voor vele brancheorganisaties is het maatwerk om vast te stellen of en in welke mate zij belastingplichtig zijn voor de btw. In die zin zou een vaste lijn tot ‘geen btw belastingplicht’ een welkome verduidelijking kunnen zijn. Houdbaar lijkt dit evenwel niet. Het Europese Hof van Justitie – de hoogste autoriteit in btw-vraagstukken – oordeelde namelijk al in 1998 over de reikwijdte van de vrijstelling voor brancheorganisaties, zonder enige twijfel wat betreft het ondernemerschap. Het valt dan ook te bezien of de vermeende vaste lijn werkelijk zal gelden en stand zal houden. Pas bij expliciete standpuntbepaling door de Belastingdienst zal een brancheorganisatie zijn belangen hebben veiliggesteld. Afstemming met de Belastingdienst lijkt dan ook meer dan ooit gewenst.

Meer weten? Neem contact op met de btw-specialisten van Mazars: Sander van Kreijl (088-2772312) of Eda Biçer (088-2771030).

- Partners -
Geen gegevens gevonden