Vertrouwen in een levendige vereniging
31-08-2020 Nieuwsbericht

Tijdens de komende ALV wordt het plan voor een nieuw verenigingsmodel gepresenteerd. Scheidend voorzitter Wilma Haan is een van de ontwerpers van het nieuwe plan. ‘Mijn ervaring binnen de NVJ is dat leden graag hun expertise willen delen, mee willen denken of tijdelijk willen helpen.’

Waarom is de NVJ toe aan een nieuw verenigingsmodel?

‘De laatste jaren popten steeds geluiden op of de huidige structuur van aparte sectiebesturen nog voldeed aan de journalistieke praktijk. Is het nog logisch om de leden strikt op te delen in verschillende zuilen, waarin in de ene zuil journalisten werken voor bijvoorbeeld een dagblad en in de andere voor een omroep? De praktijk is vloeibaar, veel journalisten werken voor kranten én tijdschriften én online én voor print. Moet je dan niet het model van secties loslaten? En op welke manier zonder het goede van secties te verliezen? Een andere vraag was een flexibeler manier van meedoen binnen de NVJ. Nu bind je je vast voor meerdere jaren aan een sectiebestuur. Best veel leden blijken behoefte te hebben aan een flexibeler binding: tijdelijk mee willen denken of meewerken aan een onderwerp. Vervolgens zijn we samen met de secties goed in kaart gaan brengen wat er nodig is om tot een nieuw en beter model te komen.’

Hoe ziet dat nieuwe model eruit?

‘We laten de secties zoals we die nu kennen los maar we delen leden wel in in zes ledengroepen met eenzelfde journalistieke achtergrond: freelancers, NVF fotojournalisten, werknemers Uitgeverijbedrijf, werknemers Omroep, Plus+ en ViP (en Gemengd Bedrijf als toegevoegde groep). Deze ledengroepen hebben elk een voorhoede, de zogeheten vakgroepen. Hierin borrelen de ideeën, worden debatten voorbereid en kennis en expertises gedeeld. Dit is een interessante laag want hier kun je actief meedenken en meedoen en bepaal je zelf je eigen mate van inzet.’

De enige plekken waar je je als bestuurder wel drie jaar aan bindt zijn het bestuur en drie beleidsteams. Die drie teams komen niet uit de lucht vallen. Ze vertegenwoordigen de speerpunten van de NVJ: werkvoorwaarden, persvrijheid en vakontwikkeling. Deze speerpunten spelen diagonaal door alle ledengroepen heen. Werkvoorwaarden is binnen het huidige model het bekendst. Ik vind het mooi om persvrijheid en vakontwikkeling nu ook expliciet uitgelicht te zien.

De beleidsteams bestaan uit vertegenwoordigers uit alle ledengroepen, aangevuld met leden uit het bestuur. Hierin wordt dus het beleid gemaakt en gevraagd en ongevraagd advies gegeven.

Ten slotte zal het bestuur worden uitgebreid van zeven naar negen leden om te zorgen dat ook hierin alle ledengroepen vertegenwoordigd zijn, plus een door de ALV gekozen voorzitter, vice-voorzitter en penningmeester.’

Zijn er naast het voordeel van een flexibeler manier van meedoen andere pluspunten?

‘Neem belangenbehartiging. Werknemers en freelancers zitten samen in het beleidsteam werkvoorwaarden. Het past heel erg bij de NVJ om met één mond te spreken en voor álle werkenden te gaan. Zij zitten mét elkaar en niet tegenover elkaar. Tegelijkertijd hebben we aandacht voor de verschillen die er ook zijn en waar je vanuit je eigen vakgroep die geluiden kunt laten horen.’

De input van kennis en expertise van leden vindt de NVJ van onschatbare waarde. Hoe krijg je mensen straks in beweging?

‘Mijn ervaring binnen de NVJ is dat leden graag hun expertise willen delen, mee willen denken of tijdelijk willen helpen. Ik heb als bestuurder altijd hulp toegezegd gekregen en ik denk zelfs dat journalisten het fijn en leuk vinden om hun kennis te delen.

Als er op 12 september een akkoord is komt er eerst een overgangsfase waarin het model verder wordt uitgewerkt en getest. Ik heb er veel vertrouwen in.’

Leden kunnen zoals je zegt actief worden in vakgroepen. Zijn er ook andere mogelijkheden om actief te worden, buiten je eigen ledengroep?

‘Ja, er komt ruimte om bijvoorbeeld zelf netwerkgroepen op te richten. Er bestaat er al één voor cartoonisten. Daarnaast is er de mogelijkheid om tijdelijke focusgroepen op te richten bij bepaalde thema’s of actualiteiten.’

Hoe zie jij de NVJ in de toekomst als dit model is ingevoerd?

‘Ik hoop dat werkvoorwaarden, persvrijheid en vakontwikkeling gelijkwaardige en zichtbare pijlers zijn en levendig worden in zowel debat als input.’

En de uitstraling van de NVJ en journalistiek naar buiten toe?

‘Misschien is dat een grote stap nu. Maar stel, er is een onderwerp: de negatieve beeldvorming bij het publiek die het werken van journalisten onveiliger maakt. Als zo’n gevoel broeit en leeft binnen de vereniging kan dit een plek krijgen binnen het beleidsteam persvrijheid en in het bestuur. Dan hoop ik stiekem, als journalist, dat dit een positieve uitwerking heeft.’

Deze maand neem je afscheid als voorzitter. Het werken aan het plan voor een nieuwe verenigingsstructuur is een schitterende slotscene van een lange bestuurscarrière. Zijn er meer momenten of hoogtepunten die je bijblijven?

‘Goh, leuke vraag…’

Ik heb er wel een paar voor je. Het meelopen in de grote solidariteitsmars in Parijs na de aanslag op Charlie Hebdo

‘Ja, daar moest ik ook aan denken. Dat was een heel groot moment.’

Het uitbrengen van het pamflet van de sectie Internet

‘Grappig dat je dit noemt. Ik was in 2012 betrokken bij de heroprichting van de sectie Internet. We vonden dat internetjournalistiek een volwaardige plek moest krijgen en de sectie was nodig om ons internetjournalisten te emanciperen. Het mooie is dat het verhaal nu weer rond komt, waarbij ik vertrek met een structuurplan waarin de sectie Internet juist niet meer bestaat. En dat is alleen maar heel goed nieuws, want een aparte sectie is helemaal niet meer logisch, internetjournalistiek is overal vertegenwoordigd. Dit is precies hoe het moest zijn.’

- Partners -
Geen gegevens gevonden